Blogpost

Stefan de Koning: Voorzitter met napoleonsyndroom

Stefan de Koning: Voorzitter met napoleonsyndroom

Stefan de Koning

De hekkensluiter van deze DEMO-serie is onze aankomend voorzitter Stefan de Koning. Deze Rotterdamse Amsterdammer staat bekend als een rustige jongen, soms cynisch, maar altijd als een harde werker. Wat drijft hem om voorzitter te worden van onze vereniging. De DEMO-redactie zocht het uit.

De in Ridderkerk opgegroeide Stefan ontdekte op de basisschool al snel dat hij een bepaalde mate van hoogbegaafdheid had. ‘Gelukkig gingen mijn ouders en docenten hier nuchter mee om’’, vertelt Stefan. ‘Ik kreeg extra sommen en aandacht, maar er was geen sprake van hysterisch leuren langs onderwijspsychologen zoals bij andere kinderen om me heen gebeurde.’

‘Ik leed een beetje aan het Napoleon-syndroom, stak na iedere vraag mijn hand op.’

Het stereotype beeld van hoogbegaafde kinderen is dat ze vaak nogal gepest worden in de klas. Stefan moest daar niets van weten: ‘als ik al de pispaal was, dan heb ik daar heb ik eigenlijk niets van gemerkt. Ik was teveel met m’n eigen wereldje bezig.’ Zijn enige wapenfeit op de basisschool kan hij zich nog wel goed herinneren. ‘Er was een klasgenootje in de zandbak die mijn plaats in de zandbak wilde hebben. Dat pikte ik natuurlijk niet, en ik sloeg hem met mijn plastic hark naar de grond’, lacht Stefan achteraf. Toch was ik blij na de basisschool in Rotterdam naar het gymnasium te mogen, waar je veel meer van jezelf herkende in je klasgenoten. ‘Vanaf dat moment verplaatste ook mijn hele sociale leven zich naar Rotterdam’. Stefan kan zich voorstellen dat mensen hem zelfs op het gymnasium een betweterige wijsneus vonden. ‘Ik leed een beetje aan het Napoleon-syndroom. Na iedere vraag stak ik mijn hand op, wilde op alles antwoord geven, de beste zijn. Ik had nogal geldingsdrang.’

‘Ik ga helemaal over de zeik als Feyenoord verliest.’

Stefan besloot tegelijk met zijn broertje te gaan hockeyen. Toch is voetbal zijn grote passie. ‘Ik ben tegenover de Kuip in het ziekenhuis geboren. Feyenoord zal nooit uit mijn systeem gaan. Ik overweeg om een halve seizoenskaart te gaan nemen deze winter, als ik iets meer tijd heb’, vertelt hij. ‘Dat fanatisme zit er wel in. Ik ga helemaal over de zeik als ze verliezen.’

Op de middelbare school kwam langzaam de interesse van Stefan voor landelijke politiek. Als ik één moment moet aanwijzen: ‘We zaten in de 4e klas, bij het vak maatschappijleer’, weet Stefan zich haarscherp te herinneren. De docent Pascal Borsjé tekende de bestuurlijke situatie van ons land op het bord. ‘Ik stelde gelijk de vraag waarom er zo verschrikkelijk weinig functies direct werden verkozen.’ Borsjé vertelde hem dat als directe democratie belangrijk voor hem was, hij zich aan moest melden voor de D66. Hier ontstond zijn eerste band met de moederpartij.

‘Dijkstal en Bolkestein, twee VVD’ers, inspireerden me die periode. Dat charisma, overduidelijke intelligentie en hoe ze de liberale gedachtes uitdroegen vond ik erg indrukwekkend,’ vertelt Stefan. Toch bleef zijn band met de D66 warm. Toen er enkele weken later een politiek debat plaatsvond op de middelbare school, vond ik dat ik het gat van de D66 – die afwezig waren – op moest vullen, zodoende kwam ik opdraven met een D66-button. ‘Speechen en debatteren heb ik daar geleerd. Er gebeurde erg veel aan ontplooiing op mijn middelbare school,’ vertelt Stefan.

Na de middelbare school lootte hij uit voor geneeskunde en vulde een jaar met het studeren van Scheikunde, zijn beste vak op school. Hij belandde in Utrecht en bleef daar hangen, zelfs toen hij het jaar erop in Amsterdam werd geloot. Gevraagd naar zijn mening over de hoofdstad, zegt hij met een knipoog: ‘Ik zie Amsterdam als een reservaat voor babyboomers. Niemand is écht vriendelijk in die stad, er stopt nooit eens een vriendelijke Surinamer voor het stoplicht om met een brede glimlach ‘hey swᒠuit zijn auto te roepen. Rotterdam is ook geen wereldstad, maar daar hebben ze tenminste ook die illusie niet.’

‘Mensen in Utrecht zijn net zo a-relaxed als in Amsterdam.’

Hoewel hij zijn toenmalige woonplaats, Utrecht, nog altijd een warm hart toedraagt heeft Stefan toch wat kanttekeningen: ‘De mensen zijn er net zo a-relaxed als in Amsterdam en bovendien stond ik vaak op zondag met mijn brakke hoofd voor een gesloten winkel. Het bruisende studentenleven maakte dat echter meer dan goed.’

Dat studentenleven wist Stefan feilloos te vinden. Hij meldde zich aan voor het USC, een Utrechtse studentenvereniging, waar hij erg actief is geweest, vooral in de culturele kringen. Na manager van de jazzband, het Koninklijk Utrechts Studenten Toneel en het organiseren van kleine en grote evenementen werd hij uiteindelijk de artistiek directeur van de lustrumviering. ‘Je mag maar vijf jaar actief lid zijn van die vereniging waardoor ik na die periode nogal een gat had in mijn week. Mijn werkzaamheden voor de JD gingen dat gat uiteindelijk opvullen.’

Toch was de keuze voor de Jonge Democraten niet in de sterren geschreven. ‘Ik twijfelde heel erg of ik me aan wilde melden voor de JOVD of de JD. De JOVD trok mijn aandacht dankzij hun traditie als luis in de pels en een hele mooie geschiedenis: ik had daar een romantisch beeld van. Inhoudelijk stond de JD echter veel dichter bij, waardoor daar de keuze op viel’, blikt hij terug. ‘Ik heb wel heel bewust informatie over de JD gezocht. Ik weet niet of ik lid zou worden van de D66 als er geen jongerenorganisatie achter stond.’

Overeenkomsten tussen de studentenvereniging USC en de Jonge Democraten zijn er volgens de aankomend voorzitter zeker. ‘De JD is wat minder hierarchisch, voor de rest is het vergelijkbaar als gezelligheidsvereniging’, vertelt Stefan, die inmiddels zijn opleiding geneeskunde inruilde voor European Studies aan dezelfde universiteit.

‘Liberale partijen hebben in Nederland normaal gesproken meer dan helft van zetels.’

Echt actief bij de JD werd Stefan tijdens een twinning naar Rusland. Daar ervoer hij hoe tolerant en liberaal ons land is georganiseerd. Ze spraken daar onder meer met homo-activisten, liberalen en verkiezingswaarnemers. ‘Het was voor mij echt een eye-opener,’ vertelt Stefan over zijn ervaringen. ‘Daar ervaar je pas liberaal Nederland eigenlijk is. Niet alleen de VVD en de D66, maar zeker ook de PvdA heeft een liberale inslag dan menig andere sociaal-democratische partij. Dat is normaal gesproken al meer dan de helft van de zetels bij elkaar.’

Bij de JD Utrecht ontdekte hij dat hij zich sneller thuis zou voelen dan op voorhand gedacht. ‘Ik was blij verrast met het team dat ik aantrof, toen ik als algemeen secretaris aantrad. Vrijwel direct heb ik er een aantal echte vrienden ontmoet’, vertelt hij optimistisch. De keuze om algemeen secretaris te worden kwam na enige aarzeling. ‘Ik was nog maar kort lid, te kort vond ik zelf om al meteen voor het afdelingsbestuur te gaan’. Maar bij gebrek aan kandidaten gooide hij dat argument overboord en sprong er zelf achteraan, in het diepe.

‘JOVD’ers kun je zo heerlijk etteren, uiteindelijk pak ik ze toch wel op inhoud.’

Een verklaring voor zijn snelle opmars komt volgens Stefan door zijn eerste indruk. Het interesseert hem weinig wat anderen van hem vinden. ‘Ik ben me heel bewust hoe ik over kom op anderen’, stelt hij. ‘Ik weet van mezelf dat ik een rustige, slimme en soms humoristische eerste indruk afgeef, noem het authentiek.’

Door zijn rustigere karakter verwachten gesprekspartners niet zo een twee drie dat hij ongelooflijk veel lol haalt uit etteren en prikken. ‘Leuk om mee te spelen’, lacht Stefan. ‘Vooral JOVD’ers trappen daar zo heerlijk in. Uiteindelijk pak ik ze toch wel op inhoud.’

Door zijn goede werkzaamheden en uitstraling kreeg hij vaak de vraag waarom hij niet wilde solliciteren naar een rol in het landelijk bestuur. Voor Stefan waren er maar twee opties: óf persvoorlichter óf voorzitter. ‘Alleen daar kan ik écht iets toevoegen’, vertelt hij overtuigend. ‘Uiteindelijk hakte ik in april de knoop door dat ik voor de functie van voorzitter wilde gaan.’

Met een hartslag van 180 slagen per minuut vulde hij de Excel-sheet in, waarmee hij zijn kandidatuur bekrachtigde. ‘Ik zat in een hoekje van de troosteloze universiteitskantine, was eigenlijk helemaal niet tevreden over mijn tekst. Uiteindelijk heb ik het toch verzonden.’ Vanaf dat moment schoot hij in de campagne-modus. ‘Het strategisch denken stond toen centraal. Ik had namelijk ook een fantastische tegenkandidaat in Suzan Kemperman.’

‘Doordat Tom Brouwers een knipoog naar het Koningslied maakte, wist ik dat ik had gewonnen.’

Het congresweekend is hij ingegaan zoals ieder ander congresweekend. ‘Nee joh, die zaterdag stond ik gewoon tot sluit in de kroeg. Op de beruchte congresdag heeft hij zich ook niet anders voorgedaan dan anders.Die speech zat zo goed in mijn hoofd, dat gaf veel rust en vertrouwen.’ Uiteindelijk duurde zijn twijfels tot de late namiddag. Vanuit het stemmershok klonk na vele hertellingen een groot gejuich. ‘Ik dacht gewonnen te hebben toen Tom Brouwers begon over het Koningslied. Het kon niet anders of dat was een verwijzing naar mijn achternaam.’

Inmiddels is hij aankomend voorzitter van het landelijk bestuur. Door de problemen in het vorige landelijke bestuur is de nieuwe groep echt in het diepe gegooid. ‘Door de keuze om het beleidsplan voor het congres te laten komen, moesten we in een maandje alles regelen. Van oude problemen tot aan het nieuwe beleidsplan.’ Stefan speelde daar niet alleen als technisch voorzitter een belangrijke rol, maar trok ook veel zaken naar zich toe. ‘Vrij veel onderdelen heb ik echt door het landelijk bestuur geduwd’,  vertelt hij. ‘Die hardheid heb ik in me zitten. Ik ben blij dat dat niet afgestraft is en iedereen daarmee kon leven. Uiteindelijk hoop ik dat ik in het lopende seizoen ook in staat ben om gas terug te nemen en de dwingende stijl te verruilen voor een meer delegerende rol.’

‘Ook het kader moet zijn verantwoordelijkheden kennen.’

De grootste kritiek op het vorige bestuur was dat er een breuk was ontstaan tussen het kader (bestuur van afdelingen) en het landelijk bestuur. Stefan heeft een duidelijke visie over dit conflict. ‘Als huidig afdelingskader zeg ik: het kader moet ook de eigen plek weten. Ik kon me vaak niet vinden in de kritiek, het was gewoon een sneeuwbaleffect. Alle kleine kritiek was opeens breedgedragen en zwaarwegend.’ Kaders hebben de ruimte gekregen om zelfstandig te functioneren. Er is eigen budget en veel vrijheid om eigen activiteiten te organiseren. Daar staat wel een bepaalde verantwoordelijkheid tegenover, vindt hij.

Om de verstandhouding te verbeteren wil het nieuwe landelijk bestuur duidelijke kanalen voor feedback gaan organiseren. Iedere afdeling krijgt een landelijk bestuurslid toegewezen als contactpersoon en moet in de notulen kunnen teruglezen dat hun problemen worden behandeld door het LB. Maar bovenal moet de houding van het LB ten opzichte van het kader veranderen; meer toenadering en minder isolatie.

De geschillencommissie – die is opgericht om te onderzoeken hoe het vorige landelijk bestuur heeft gefunctioneerd - heeft in de ogen van Stefan nu al een belangrijke functie. ‘Het maakt een discussie los, zij doen op dit moment alles goed’, vertelt hij. Alle wijze lessen uit het rapport zouden het nieuwe landelijk bestuur kunnen helpen om problemen te voorkomen. ‘Toch moeten we scherp blijven’,  is Stefan kritisch. ‘Het is maar één casus, en hoeft voor een andere groep mensen helemaal niet te gelden.’

‘Ik zou pleiten voor meer jongeren in de Tweede Kamer.’

 ‘Ons beleidsplan straalt veel ambitie uit. Zonder dat we het roer drastisch willen omgooien, willen we duidelijk accenten gaan leggen op bepaalde punten’, vertelt Stefan. ‘Als je kijkt naar andere partijen is de JD ongelooflijk goed georganiseerd. Het enige wat wij als landelijk bestuur moeten willen is puntjes op de ‘I’ zetten. Het congres bepaalt de rode draad.’

De landelijke politiek werkt volgens Stefan op dit moment niet optimaal. ‘Het polderen werkt voor ons land heel goed, maar alleen als alle groepen vertegenwoordigd zijn in de tweede kamer’, doceert hij. ‘Jongeren zijn ondervertegenwoordigd. Wij zouden meer aan de bel moeten trekken als het gaat om bijvoorbeeld jeugdwerkloosheid.’ Radicaal veranderen heeft volgens Stefan zijn grenzen. ‘Als we per direct al onze standpunten zouden kunnen verwezenlijken, zouden ook lang niet al onze leden blij zijn’, vertelt hij. ‘We hebben in dit land te maken met logge instituten, die niet zo snel kunnen draaien. Alles verandert, maar deze instituten blijven werken zoals ze deden.’

Europa is wat hem betreft zo’n voorbeeld. Zij zouden sommige zaken naar zich toe moeten trekken, maar het instituut Europa is voor de burger een onbeheersbaar beest geworden. ‘Wie het weet mag het zeggen’, stelt Stefan. ‘Niemand heeft voorlopig echt een oplossing voor Europa. Mijn hoop is gevestigd op de JD-werkgroep Europa. Maar hun doelen, als het gaat om een democratisch Europa zullen waarschijnlijk niet zomaar haalbaar blijken.’

‘Ik denk dat PVV’ers echt denken dat wij ons land willen verkopen.’

Iemand als Geert Wilders heeft volgens de aankomend voorzitter het beste voor met Nederland, dat is iets dat je niet mag vergeten. Stefan vindt dat D66’ers niet alleen fel op hem moeten zijn, maar ook moeten inzien dat hij een belangrijke signaalfunctie voor onderbelichte problemen heeft. Toch zou de VVD nooit moeten hebben toegestaan dat er een gedoogconstructie ontstond. ‘Ze hadden hem gewoon verantwoordelijkheid moeten geven’,  stelt hij. ‘We moeten ons bewust zijn van de denkbeelden van PVV-stemmers’,  gaat hij fel verder. ‘Ik kan denk dat zij daadwerkelijk denken dat D66 het land wil verkopen. Aan ons de taak om zo goed mogelijk uit te leggen wat wél onze plannen zijn.’

‘Ik zou het liefste vergeleken willen worden met iemand die mensen bindt en stappen vooruit zet’,  vertelt hij. Een paarse coalitie heeft zijn voorkeur. ‘Het geloof in eigen kunnen moet centraal staan, Ruud Lubbers is daar een goed voorbeeld van.’ De huidige minister-president kan op minder symphatie rekenen: ‘Rutte is wel liberaal, maar laat dat al een lange periode niet meer zien. Onder het monsterverbond CDA-PVV-VVD was het verschrikkelijk, maar ook nu met de PvdA komt de liberale kant van de VVD amper voor het voetlicht.’

Een ander constant vraagstuk is hoe landelijk bestuursleden de verhouding tussen de D66 en de Jonge Democraten voor zich zien. In de ogen van Stefan zijn beide onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zowel de ledenoverlap als de discussies die er worden gevoerd lopen vaak parallel. Dat is ook helemaal niet erg volgens Stefan: ‘we moeten pas aan de bel trekken op het moment dat D66 zich met de inhoud van ons politiek programma gaat bemoeien. D66 is een progressieve partner die openstaat voor onze plannen. Onze taak is om ervoor te zorgen dat onze plannen landen. D66 is onze belangrijkste partner hierin, maar het zou strikt genomen net zo goed PvdA of VVD kunnen zijn.’

‘Ons gedachtegoed weegt zwaarder dan de band met de D66’

Tijdens de gemeenteraad verkiezingen zouden Jonge Democraten zich bewuster moeten zijn van hun rol in het geheel. ‘We kunnen niet meer toe met een persberichtje als ‘de gemeenteraad faalt’. ‘Er zou veel meer face-to-face verspreid moeten worden dat je sociaal-liberaal stemt’, blikt hij vooruit. ‘Mensen nemen veel sneller iets van elkaar aan, dan van een krant of media-uitzending. Ons gedachtegoed is zwaarder dan de band met D66.’

In ons persbeleid mogen we wat Stefan betreft best meer schoppen. De signaalfunctie die van onze standpunten uitgaat is heel krachtig, maar moeten uiteindelijk door anderen opgepikt worden om tot beleid overgezet te worden. Op de vraag van verschillende leden naar zijn belofte om bij De Wereld Draait Door aan te schuiven: ‘Ik zie ons eerder bij De Wereld Draait Door onze standpunten kenbaar maken dan bij Pauw en Witteman’,  vertelt hij.

‘DWDD is voor ons een beter podium dan P&W.’

Ondanks dat het makkelijk bekt om te gaan voor een stijging van de leden, is dat niet de lijn die Stefan wilt volgen met zijn nieuwe landelijk bestuur. ‘Het interne beleid moet erop gericht zijn om de capaciteit te vergroten. De afdelingen en werkgroepen moeten wel de ledentoeloop aan kunnen. Aan het einde van mijn periode wil ik ervoor zorgen dat het volgende LB duidelijk heeft wat de capaciteit is en de groeipotentie.’

De Tweede Kamer moet een afspiegeling van de maatschappij zijn volgens Stefan de Koning, maar ook binnen de jongerenpartij luidt al jarenlang de kritiek dat er met name blanke, hogeropgeleide leden worden aangetrokken. ‘Het zou nuttig zijn om overal voelsprieten te hebben, maar ik zou geen voorstander zijn van een actieve werfcampagne op bijvoorbeeld MBO-opleidingen.’

‘Eén krat pils? Moet lukken!’

Inmiddels zo’n drie uur en enkele pilsjes verder besluiten wij het formele gedeelte van het interview. ‘Brand is overigens mijn favoriete pils’, vertelt hij al scrollend door zijn smartphone. ‘Er zijn wel veel vragen binnengekomen zeg, en wát voor vragen.’ Nou ééntje dan: twee jaar geleden kon ik zo’n 30 bier op. Maar daar waag ik me niet meer aan. Met genoeg tijd en een uiterste inspanning zou ik één krat bier op kunnen, maar dat moet ik nog een keer bewijzen deze bestuursperiode.’

Stefan de Koning

Pistool op hoofd, naar aanleiding van vragen van de leden:

Links / Rechts
Gezelligheids- / Idealistenvereniging 
Bier / Wijn
Extra bezuinigen / Extra uitgeven (‘alleen als het moet!’)
Feyenoord / Ajax
Kroeg / Club
Facebook / Twitter (‘Ik stop met Facebook als ik aftreed!’)
Amsterdam / Rotterdam
Gaypride
/ Carnaval (‘Ik heb een hekel aan carnaval!’)
PvdA / VVD (‘PvdA staat dichter bij haar principes en levert fantastische ministers!’)
Delegeren / Beheersen
Koningshuis / President (‘Eerste slechte koning of koningin vliegt eruit!’)

 

Submit to FacebookSubmit to Google BookmarksSubmit to Twitter

JD Blog

Congresvoorzitters en Stem- en Notulencommissie bekend!

Het is inmiddels bekend welke helden ons congres in goede banen gaan leiden! Als Congresvoorzitters gaat het Landelijk Bestuur voordragen: Malu Pasman, Jasper van den Hof, Martin van Montfort en Mi...

Lees meer...

zaterdag 24 juni 10:00
Symposium Duurzaamheid [AFGELAST] - Utrecht
zaterdag 24 juni 12:00
Zomerborrel + Duathlon 2017 - Leiden-Haaglanden
zaterdag 24 juni 13:00
Afdelingscongres! - Amsterdam
zondag 25 juni 12:00
Heel JD Hapt - Overijssel
maandag 26 juni 19:00
In gesprek met Pia Dijkstra - Overijssel
maandag 26 juni 20:00
Verkiezings AAV - Utrecht
woensdag 28 juni 18:00
LedenBBQ - Rotterdam
woensdag 28 juni 20:00
Zomerse teamavond! - Brabant

» Bekijk volledige kalender

Vul hieronder je emailadres in om een link te krijgen waarmee je je aan kunt melden voor de nieuwsbrieven van de Jonge Democraten en waarmee je je abonnementen kunt wijzigen.

» Bekijk eerdere nieuwsbrieven

Twitter

Jonge Democraten Online

FacebookLinkedInTwitterYouTube

© 2017 Jonge Democraten