#

Het Nationaal JD-debat 2006

30 Apr 2006

ImageEindelijk is het weer zo ver: in het nieuwe nationaal JD-debattoernooi van 2006 kunnen alle Jonge Democraten weer hun debatvaardigheden testen en aanscherpen. Hieronder vind je allerlei informatie over het debat en de regels. Wil je graag meer informatie ontvangen, neem dan contact op met Jeroen Mimpen, mail: scholing@jongedemocraten.nl, tel.: 06-49318187.

Debatschema

Het debatschema van de voorrondes, met daarin de data, steden, juryleden en winnaars.

    Datum Afdeling Juryleden Winnaars
    4 mei 2006 Rotterdam Ton Monasso (vzt.) & Jan Wouter Langenberg (inv.) Adriaan Bayer & Annelot Prins
    15 mei 2006 Utrecht Ton Monasso (vzt.) & Marco Brandt Bram Fokke & Selma Seddik
    17 mei 2006 Amsterdam Marco Brandt & Alexander Scholtes Joost Mengerink & Jan Paternotte
    18 mei 2006 Haaglanden Ton Monasso (vzt.) & Brenda Dirkse Jan Wouter Langenberg & Bas van Rossum
    22 mei 2006 Maastricht Ruud Evers & Alexander Scholtes Paul Ederer & Daan van der Gugten
    23 mei 2006 Groningen Brenda Dirkse & Jan Wouter Langenberg (inv.) Lenneke Sprik & Dieke van der Velden
    30 mei 2006 Leiden Ton Monasso (vzt.) & Ruud Evers Eric Krijgsman & Erik van der Meij
    1 juni 2006 Brabant & Nijmegen Marco Brandt & Ruud Evers Pepijn van Bommel & Joost Lorenz

Op 20 en 21 september namen de winnaars van de voorrondes het tegen elkaar op in de halve finales.
De zuidelijke halve finale, 20 september in Tilburg, werd gewonnen door Jan Wouter Langenberg en Bas van Rossum.
Jan Paternotte en Joost Mengerink wonnen op 21 september de noordelijke halve finale in Utrecht.

Tijdens het najaarscongres in Breda vond de finale van het nationaal JD-debat plaats, met een spannende strijd tussen Haaglanden (Jan Wouter Langenberg en Bas van Rossum) en Amsterdam (Jan Paternotte en Joost Mengerink).
De jury, bestaande uit Lars Duursma, Ageeth Telleman en Ton Monasso, gunde de bokaal aan team Amsterdam. Hoewel Haaglanden zich argumentatief kon meten met de hoofdstedelingen, waren de Amsterdammers beter in staat het publiek te betrekken en waren zij beter in ad rem reacties.
Daarmee zijn Jan Paternotte en Joost Mengerink uitgeroepen tot winnaars van het Nationaal JD-debattoernooi 2006.

Debatopzet & regels

Amerikaans Parlementair debat, met spreektijden 4-4-2, met punten van informatie mogelijk in de eerste 4 beurten, m.u.v. de eerste en laatste minuut van elke beurt. Het is mogelijk om 15 minuten voor te bereiden, waarbij elektronische hulpmiddelen en communicatie met derden niet zijn toegestaan.

Mogelijk zijn 2 t/m 6 teams. Bij 2 teams wordt 3 keer gedebatteerd, waarbij dus 2 keer winst nodig is om te winnen (AB, AB, AB). Bij 3 teams, speelt ieder team tegen elk ander team en wordt vervolgens een finale gespeeld (AB, AC, BC, finale). Bij 4 teams zijn er 2 rondes waarbij elk team in elke ronde debatteert, waarop een finale volgt (AB + CD, AC + BD, finale). Bij 5 teams wordt gespeeld volgens in drie rondes plus een finale (AB + CD, AC + BE, DE, finale). Bij 6 teams 2 rondes en een finale (AB + CD + EF, AC + BE + DF, finale). Bij 5 en 6 teams komen we echter wel in tijdnood, waardoor het wenselijk is eerst proberen minder teams te krijgen door bijvoorbeeld afdelingsbestuurders niet mee te laten doen. Als dat niet helpt of niet lukt, kan afhankelijk van de hoeveelheid tijd en de beschikbare ruimte & evt. debatleider besloten worden om een extra ruimte erbij te nemen en daar te debatteren in 2 groepen (bij in totaal 6 teams). De beste teams van beide groepen moeten dan tegen elkaar in de finale. Een ander alternatief is om de spreektijden (m.u.v. de finale) te verkorten, bijvoorbeeld tot 3, 3, 2, of 2, 2, 1 zonder punten van informatie, maar dit heeft niet de voorkeur.

Juryprotocol

Jurering gebeurt aan de hand van 3 groepen criteria: argumentatie, structuur & strategie, en presentatie, waarbij de nadruk ligt op de argumentatie en beide andere onderdelen als ondersteuning hiervan dienen. Daarnaast dienen debaters zich aan een aantal regels en normen te houden.

Argumentatie

Hieronder vallen de inhoudelijke argumenten welke dienen ter ondersteuning, dan wel verwerping, van de stelling. Gelet dient in ieder geval te worden op:

  • of de argumenten voldoende zijn uitgewerkt (volgens het SEXI-model);
  • of de argumenten van de tegenstanders voldoende worden weerlegt;
  • aan welke kant van de tafel de belangrijkste argumenten aan het einde van het debat staan;
  • of de beide teams in staat zijn geweest om verschillende invalshoeken van het probleem te belichten (bijv. zowel principieel als meer praktisch);
  • de relevantie van de argumenten (in hoeverre zij de stelling ondersteunen).

Structuur & strategie

Structuur en strategie vormen samen een belangrijk onderdeel van het debat in de ondersteuning van argumenten. Structuur zorgt voor helderheid. Strategie is nodig om samen een blok te vormen en argumenten van de tegenstander slim onderuit te halen. Wat structuur & strategie betreft wordt gelet op de volgende zaken:

  • of er duidelijk wordt gemaakt wat nu precies de argumenten zijn (bijv. d.m.v. labels) en of deze in een overzichtelijke volgorde worden behandeld;
  • of er een goede balans is tussen reactie en eigen argumenten;
  • of er sprake is van goed teamspel (elkaar niet afvallen maar elkaar juist versterken);
  • of iedere debater daadwerkelijk iets toe voegt, en of hij/zij zich aan zijn/haar toebedeelde rol houdt;
  • of er op de juiste momenten interrupties worden geplaatst.

Presentatie

Presentatie is op zichzelf niet zo belangrijk, maar helpt in het overbrengen van de boodschap. Een positieve invloed op deze overdracht hebben:

  • helder en duidelijke spreekstijl;
  • afwisselen van rationaliteit met emotionele overtuigingskracht;
  • non-verbale communicatie (bijv. met je handen werken) en oogcontact;
  • respect voor de tegenstander, niet voor de argumenten;
  • ondersteuning met grappige en/of vermakelijke anekdotes of one-liners.

Regels en normen

Naast deze aspecten van het debat zijn er een aantal punten waar je niet direct op kunt winnen, maar waar je wel op kunt verliezen. Dit kan als debaters zich niet aan de regels of aan bepaalde fatsoensnormen houden. Deze regels en normen omvatten:

  • de propositie moet het plan helder, duidelijk en eenduidig uitleggen, zonder te vervallen in algemene waarheden (truism), het presenteren van de status quo of een plan presenteren dat niet logischerwijs verwacht kon worden a.d.h.v. de stelling (squirrel);
  • het is wel toegstaan om een stelling iets breder te trekken of in te perken, maar het moet 1.) wel in lijn met de verwachting van de stelling liggen, en 2.) nog steeds vatbaar zijn voor een goed debat;
  • iedere spreker moet op zijn minst een punt van informatie aannemen;
  • punten van informatie mogen niet langer dan 15 seconden duren;
  • iedere spreker heeft een bepaalde rol te vervullen in het debat en iedere spreker dient ofwel nieuwe argumenten te brengen (de eerste 4 beurten), ofwel een samenvatting te geven (de laatste 2 beurten) die daadwerkelijk nieuwe inzichten geeft, zonder daarbij nieuwe argumenten te geven;
  • iedere debater dient respect te tonen voor de jury, de debatleider en de tegenstanders.

Noot: In alle gevallen kan de debatleider in overleg met de jury van bovenstaande afwijken. De debatleider heeft altijd de laatste verantwoordelijkheid en beslist over de orde van het debat. De jury beslist altijd over de uitslagen. Vragen en opmerkingen kunnen altijd gesteld worden, ook achteraf bij scholing@jongedemocraten.nl

Categorie: Mededelingen